Een monument met vele verhalen

Achter de gevelwand van de Markt ligt een van de bijzonderste monumenten van Oudenbosch. In 1878 vestigden de jezuïeten hier hun filosofische opleiding: het Collegium Berchmanianum. Omdat het bestaande gebouw te klein werd, begon in 1889 de bouw van een groot nieuw klooster- en studiehuis naar ontwerp van architect Nicolaas Molenaar. Het grootste gedeelte werd in 1890 voltooid.

Het complex bood ruimte aan studie- en collegezalen, laboratoria, leesruimtes, woon- en slaapvertrekken, een refter, een recreatiezaal, een kapel en een sterrenwacht. Na het vertrek van de jezuïeten in 1929 werd het gebouw achtereenvolgens gebruikt door de Paters van de Heilige Familie en de Broeders van Saint Louis. In december 1994 kreeg het monument een nieuwe bestemming als hotel, restaurant en congrescentrum Tivoli.

Nog altijd zijn in het gebouw sporen van het kloosterleven zichtbaar. Iedere ruimte vertelt een deel van een geschiedenis waarin wonen, studeren, geloof, wetenschap en ontmoeting samenkwamen.

Refterzaal

Van kloosterrefter naar bijzondere ontmoetingsruimte

De naam Refterzaal verwijst rechtstreeks naar de oorspronkelijke functie van deze ruimte. Een refter is de gezamenlijke eetzaal van een klooster of religieus studiehuis. Deze zaal bevond zich op de begane grond van de oostelijke kapelvleugel van het Collegium Berchmanianum. Direct boven de refter ligt nog altijd de voormalige eenbeukige kloosterkapel, met haar hoge vensters, glas-in-lood en houten tongewelf.

Het kloostergebouw werd in 1890 ontworpen door architect Nicolaas Molenaar als filosofisch studie- en woonhuis voor de jezuïeten. Later werd het complex gebruikt door de Paters van de Heilige Familie en de Broeders van Saint Louis. In de Refterzaal zijn delen van de historische constructie bewaard gebleven, waaronder ijzeren hoofdbalken, houten kinderbinten en betimmering met panelen.

Waar vroeger de kloosterbewoners samenkwamen voor hun maaltijden, vormt de Refterzaal tegenwoordig opnieuw een plek van ontmoeting. De ruimte biedt een monumentale achtergrond voor ceremonies, diners, feesten, vergaderingen en andere bijzondere bijeenkomsten.

Tuinzaal

Ontmoeten in het historische middendeel

De Tuinzaal ligt in het middendeel van het voormalige Collegium Berchmanianum. In deze vleugel bevond zich oorspronkelijk de recreatiezaal van het klooster- en studiehuis. Deze gezamenlijke ruimte bood de bewoners gelegenheid om elkaar buiten de momenten van studie, werk en gebed te ontmoeten.

Door verbouwingen en veranderingen in het gebruik van het gebouw is niet met zekerheid vast te stellen of de huidige Tuinzaal precies samenvalt met de volledige oorspronkelijke recreatiezaal. Wel staat vast dat zij zich bevindt in het historische bouwdeel waarin deze recreatieruimte was ondergebracht. De officiële monumentenomschrijving vermeldt dat in de voormalige recreatiezaal delen van de oorspronkelijke balklaag en de houten betimmering bewaard zijn gebleven.

Ook de grote ronde traptoren behoort tot dit middendeel. Op het platte dak van deze toren bevond zich vroeger de koepel van de sterrenwacht. De huidige Tuinzaal verbindt zo de historie van ontmoeting en wetenschap met het uitzicht op de groene omgeving van Tivoli.

De Petit

Een intieme ruimte in een monumentaal gebouw

De Petit ligt direct naast de Tuinzaal, in het middendeel van het voormalige klooster- en studiecomplex. Het gebouw werd rond 1890 voor de jezuïeten gebouwd en bood plaats aan onder andere studie- en collegezalen, leesruimtes, laboratoria, woonvertrekken, een refter, een recreatiezaal en een kapel.

De oorspronkelijke functie van de huidige Petit is in de beschikbare historische beschrijvingen niet afzonderlijk vastgelegd. Door latere verbouwingen en wijzigingen in de indeling wijst het erop dat deze diende als een vroegere studiezaal, paterskamer of dienstruimte maar dat valt niet met zekerheid te zeggen.

Wat wel vaststaat, is dat De Petit onderdeel is van het monumentale Collegium Berchmanianum en daarmee van een gebouw waarin wonen, leren, geloof en gemeenschapsleven lange tijd samenkwamen. Tegenwoordig vormt de compacte ruimte een sfeervolle plek voor kleinere bijeenkomsten, besloten diners, ontvangsten en persoonlijke momenten.

Bruno Ernst Bibliotheek

Een historische ruimte voor kennis en nieuwsgierigheid

De Bruno Ernst Bibliotheek is een van de ruimtes waarin de oorspronkelijke functie nog duidelijk herkenbaar is. De bibliotheek bevindt zich op de verdieping, boven de huidige keuken en toiletten, in de historische verbinding tussen het grote kloostergebouw en het oudere entreegebouw aan de Markt.

De langgerekte bibliotheekzaal heeft nog altijd haar karakteristieke boekenkasten en koofplafond. Op halve hoogte bevindt zich een galerij die later aan de ruimte werd toegevoegd. De bibliotheek is als afzonderlijk historisch onderdeel opgenomen in de officiële monumentenbeschrijving van het complex.

De ruimte draagt tegenwoordig de naam van Bruno Ernst, het bekendste pseudoniem van Hans de Rijk. Als broeder stond hij bekend als broeder Erich. Hij was natuurkundige, docent, schrijver en popularisator van wetenschap. In 1961 was hij een van de initiatiefnemers van de eerste publiekssterrenwacht van Nederland, die in Oudenbosch werd geopend.

De bibliotheek verbindt daarmee de oude studiecultuur van het Collegium Berchmanianum met de latere wetenschappelijke geschiedenis van Tivoli.